5 waardevolle inzichten uit het (sustainable) Fashion for Good museum

Sustainable fashion museum

Als liefhebber van rust en natuur probeer ik hartje Amsterdam zo veel mogelijk te vermijden. Maar, toen ik er gisteren toch moest zijn zag ik de uitgelezen kans om met mijn vouwfietsje eindelijk eens bij Fashion for Good langs te gaan. Een museum vol informatie, producten en inzichten over sustainable (duurzame) fashion. En vandaag deel ik die graag met jullie!

1. Biomateriaal is een verwarrend woord

We horen het woord biomateriaal steeds vaker en het spreekt tot de duurzame verbeelding. Je denkt er bij aan hennep, linnen, katoen – dat soort dingen. Maar, het woord is niet specifiek en wordt algemeen gebruikt (fun fact: Bio komt van het Griekse woord ‘bios’, dat leven betekent). Het is alles wat biologisch is, dus ook materialen als algen, cellulose of bioplastics. Handig om hier onderscheid in te maken en het museum tipt daarvoor om het onder te verdelen in hoofdcategorieën zoals natuurlijke materiaal en kunstmatige materialen. Handig!

En bonusinfo: velen denken dat biomaterialen allemaal te recyclen zijn, maar dat is helaas niet zo – afwijkende polymeren kunnen de afvalstroom verontreinigen.

2. Twintig (20!) procent van de watervervuiling wereldwijd komt van het verven, wassen en bewerken van textiel

Heftig he? In het museum zijn nog meer van dit soort feiten en cijfers te vinden. Zo lees ik bijv. dat een gemiddeld huishouden 400 keer de was doet (hoe dan?! ik ben er erg bewust op en was maximaal 1 keer per 2 weken dus dat is 26 wasjes per jaar…Hoe zit dat voor jou?). Daarbij wordt ongeveer 51.000 liter water verbruikt, ofwel 3 jaar douchen (voor een gemiddeld mens – niet voor mij). Ook lees ik dat wordt geschat dat een T-shirt meer dan 14000 kilometer reist voordat het wordt gekocht. Idioot!

Kleding waar je van houdt zien we als ‘good fashion’. Het houdt in dat je weet waar je kleding vandaan komt en beseft wat de impact ervan is.

Fashion for good

3. Slechts 0,6% van de verkoopprijs van een gemiddeld T-shirt gaat naar de arbeider die het gemaakt heeft

Verreweg het grootste gedeelte van de opbrengst gaat naar retail (58,6%), gevolgd door winst voor het merk (12,4%) en de materiaal kosten (11,7%).

4. Het is aan ons

Als generatie is het aan ons om onze natuur, en daarmee onszelf, te beschermen. Wij als consumenten kunnen merken dwingen de focus te leggen op hun verantwoordelijkheden tegenover de maatschappij en het milieu. Wij kunnen het verschil maken.

5. Er is hoop voor de toekomst

De begane en bovenste etage is gewijd aan producten en innovaties op het gebied van duurzame mode en dan met name welke nieuwe grondstoffen er groeien en gebruikt worden. Zo ontmoet ik flowercycling, ondergoed van bananentextiel (ook in tassen te vinden via het merk Bananatex), biologisch afbreekbare glitter, vezels van zeewier, mycotex, wol van kapok en mycelium (het onzichtbare deel van de paddestoel: de wortels die bestaan uit een netwerk van kleine draden).

Talentvolle ontwerpers zijn hier al volop mee aan het experimenteren en als ik zo zie wat voor creaties ze maken kan ik allemaal maar concluderen: er is hoop voor de toekomst. Dat is nog eens eindigen met een positieve noot, toch? 😉

Jurk van citrustextiel, ontwerper is Karim Adduchi
Jasje van mycelium

Het museum bezoeken? Entree kost €10, adres is Rokin 102 te Amsterdam. Meer info kun je vinden op hun website >